Prinsjesdag: 4 x goed nieuws en 2 x slecht nieuws voor ondernemers

Stuur ons een bericht


We proberen binnen 2 werkdagen te reageren.
Verder gelden deze spelregels.
Annuleren
? Contact
16-09-2020

Minister Wopke Hoekstra die louter mooie cijfers uit zijn koffertje tovert? Niet in rampjaar 2020 helaas. Toch laat het kabinet met de Miljoenennota 2021 zien, dat het er alles aan doet om herstel en vernieuwing van de economie te stimuleren. Nou ja, bijna alles…

 

Nooit eerder was de omslag zo abrupt. Het begrotingsoverschot waar minister Hoekstra vorig jaar nog de show mee stal, is in luttele maanden door de coronacrisis getransformeerd naar een historisch hoog tekort van 7,6 procent voor 2020 en 5,1 procent in 2021. Het resultaat laat zich raden: de Nederlandse overheidsschuld springt in 2021 naar 62 procent ons bruto binnenlands product (bbp). Geen reden tot paniek overigens: het is een schuldniveau dat nog altijd acceptabel is. Mits de vele miljarden aan extra uitgaven natuurlijk op een goede manier besteed worden. Wat kunnen ondernemers verwachten in 2021?  

 

Positief: de overheid wil investerend de crisis uit

De gebruikelijke reflex in een crisis is bezuinigen en zwaarder belasten van burgers en bedrijven. Daar kiest het kabinet dit jaar nadrukkelijk niet voor. Een paar weken geleden kondigde het kabinet al een uitgebreid investeringspakket aan en in de Prinsjesdagstukken is dit verder uitgewerkt. Dat is goed nieuws, want investeringen zorgen voor groei en banen. Bovendien kunnen noodzakelijke opgaven zoals verduurzaming en digitalisering hierdoor versneld aangepakt worden. Kortom, het ondernemersmotto ‘investerend de crisis uit’ is door het kabinet goed opgepakt.

 

Eén van de maatregelen van het kabinet is een Nationaal Groeifonds dat is gericht op versterking van het verdienvermogen. Dit fonds krijgt een eigen begroting en valt onder verantwoordelijkheid van de minister van Economische Zaken, die gezamenlijk met de minister van Financiën optreedt als Fondsbeheerder. Voor de eerste vijf jaar is 20 miljard euro aan publieke investeringen begroot, bestemd voor infrastructuur, kennisontwikkeling en innovatie.

 

Daarnaast heeft het kabinet ook toegezegd om al geplande investeringen ter waarde van 1,9 miljard euro naar voren te halen. Zo trekt het kabinet versneld ruim een half miljard uit voor een opknapbeurt van de Nederlandse weg- en waterinfrastructuur. Hiermee worden bruggen, wegen, tunnels en sluizen gerenoveerd. Zo’n 1,4 miljard gaat naar achterstallig onderhoud en vervanging van spoorwegen. Daarnaast trekt Rutte III 100 miljoen extra uit voor verkeersveiligheid. Hiermee zullen gevaarlijke rotondes en kruisingen worden aangepakt.

 

Hoe desastreus achterstallig onderhoud kan uitpakken, kun je in dit artikel lezen

 

Positief: het bedrijfsleven kan ook gaan investeren

Overheidsinvesteringen vormen van oudsher maar een klein deel van alle investeringen in een economie. Juist daarom is het zo belangrijk dat ook bedrijven in staat wordt gesteld om zichzelf (en anderen) uit de crisis te investeren –  zeker nu ze het zo moeilijk hebben vanwege de coronacrisis. Het investeringsgat – het verschil tussen wat bedrijven onder normale omstandigheden investeren en wat ze nu in coronatijd investeren – loopt tussen 2020 en 2022 naar schatting op tot 45 á 50 miljard euro, ruim 5 procent van het bbp.

 

Een belangrijk instrument dat het kabinet in de Miljoenennota aankondigt is de BIK, de Baangerelateerde Investeringskorting. Ondernemers die investeringen doen en gebruik van maken van de BIK krijgen een korting op de loonafdracht. Daardoor ontstaat er een belangrijke prikkel voor nieuwe banen. Iets dat hard nodig is in een situatie waarin de werkloosheid hard oploopt. Voor de BIK wordt de komende twee jaar zo’n 2 miljard euro per jaar gereserveerd. Met die 2 miljard zou voor 20 miljard aan investeringen kunnen worden uitgelokt. Ook het al bestaande Invest-NL helpt het bedrijfsleven om projecten van de grond te krijgen. Op deze manier creëert de overheid een vliegwiel om Nederland klaar te maken voor een duurzamere toekomst. Precies wat er nodig is, midden in deze crisis.

 

Invest-NL investeert, maar niet overal in. Waarin dan wel? Lees hier het interview met Wouter Bos van Invest-NL

 

Positief: aandacht voor scholing en werk-naar-werk

Naast investeren om nieuwe banen te creëren, is het op dit moment belangrijk dat we mensen aan nieuw werk helpen vóórdat ze werkloos worden. Ingrid Thijssen, sinds Prinsjesdag voorzitter van VNO-NCW, staat pal voor zo'n zogenoemd 'werk-naar-werk-offensief'. Net als MKB-Nederland-voorzitter Jacco Vonhof. Het is dan ook hoognodig: door de coronacrisis is er in veel sectoren, zoals bijvoorbeeld de evenementenbranche, weinig of geen werk meer.

 

Er komt 230 miljoen beschikbaar om mensen te helpen hun kennis en vaardigheden bij te werken of om zich om te scholen naar ander werk. Zo kunnen ze een andere functie binnen een bedrijf uitoefenen, of aan een andere baan beginnen. Het geld wordt bijvoorbeeld gestoken in ontwikkeladviezen, online scholing, een scholingsbudget voor mensen die een ww-uitkering krijgen, en voor omscholing via het mbo.

 

Het is de bedoeling dat er nauw wordt samengewerkt met werkgevers en branches. En dat zal ook het succes bepalen van alle regelingen en inzet om mensen om te scholen. Nu al zie je dat die elkaar vinden: zo is KLM met Actiz in gesprek over het omscholen van vliegpersoneel naar de zorg. Of neem bijvoorbeeld het project van Van Bank naar Bouw, waarin mensen worden omgeschoold om van de financiële sector om een overstap te maken naar de bouw- en infrasector. Hier kun je ook nieuwe dienstverlening op zetten: een soort makelaars die bedrijven met een tekort aan mensen in contact brengen met ondernemers in zwaar weer. En die afspraken maken met onderwijsinstellingen over maatwerkopleidingen voor die zij-instromers, die de weg weten in hoe je dit financieel regelt. Alleen door op die manier te werken, zal het geld ook daadwerkelijk nuttig besteed worden.

 

 ‘investerend de crisis uit’ is door het kabinet goed opgepakt

 

Positief:  Aandacht voor het midden- en kleinbedrijf

Voor multinationals, grote bedrijven die niet investeren en zelfstandigen zit er weinig goed nieuws in de Miljoenennota. Gelukkig heeft het kabinet wél aandacht voor het midden- en kleinbedrijf. Zo gaat het tarief in de eerste schijf van de winstbelasting omlaag van 16,5 procent naar 15 procent. Deze schijf wordt bovendien verlengd van 200.000 naar 400.000 euro. Dat betekent in 2021 1,3 miljard euro lastenverlichting voor kleine bedrijven met weinig winst en in 2022 bijna 2 miljard euro lastenverlichting.

 

Ook de al eerder aangekondigde maatregelen uit het derde noodpakket kunnen veel mkb-bedrijven een broodnodig steuntje in de rug geven. Bijvoorbeeld de verlenging van de NOW-regeling tot 1 juli 2021, die looncompensatie regelt bij omzetverlies en waarvoor in 2021 3,2 miljard is uitgetrokken. Ook de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) is bestemd voor mkb-bedrijven die kampen met fors omzetverlies als gevolg van de coronacrisis. Deze tegemoetkoming wordt verlengd tot 1 juli 2021 en per 1 oktober verhoogd van maximaal 50.000 euro per drie maanden naar 90.000 euro per drie maanden.

 

Ook goed nieuws is de tijdelijke verruiming van de werkkostenregeling, waarmee werkgevers vergoedingen en verstrekkingen aan hun werknemers kunnen geven zonder dat deze belast worden. Belangrijk in een tijd dat veel werknemers door corona thuis moeten werken. Voor 2020 geldt nu 3 procent van de eerste 400.000 euro van de fiscale loonsom in plaats van 1,7 procent. Dit was al eerder aangekondigd maar wordt nu wettelijk vastgelegd. Hetzelfde geldt voor de fiscale coronareserve in de vennootschapsbelasting. Daarmee kan bij het bepalen van de winst over 2019 rekening gehouden worden met corona-gerelateerde verliezen. 

  

Wil je de analyse van de hele Rijksbegroting nalezen? Dat kan. Raadpleeg hier de Prinsjesdagnieuwsbrief van VNO-NCW en MKB-Nederland

 

Negatief: fiscaal is het slikken voor veel bedrijven en zelfstandigen  

Het is niet allemaal halleluja, zei MKB-Nederland-voorzitter Jacco Vonhof gisteren over de belastingmaatregelen van het kabinet. Dat geldt voor mkb-bedrijven, maar ook voor grotere bedrijven. Zo komt in de nieuwe plannen van het kabinet de geplande verlaging van het hoge Vpb-tarief (van 25 procent naar 21,7 procent) te vervallen. Gelukkig is wel geregeld dat de jaarlijkse 2 miljard euro die hiervoor gereserveerd was, beschikbaar blijft voor het bedrijfsleven in de vorm van de nieuwe BIK-regeling, de baangerelateerde investeringskorting. En zoals gezegd gaat de verlaging van het lage tarief in de vennootschapsbelasting van 16,5 procent naar 15 procent nog wel door.

Ook slecht nieuws is dat het tarief van box 2, waarin inkomsten uit een aanmerkelijk belang worden belast, wordt verhoogd naar 26,9 procent (nu 26,25 procent). Dit ondanks dat het tarief van de vennootschapsbelasting in de tweede schijf niet omlaag gaat. Dit treft vooral familiebedrijven.

 

Het kabinet zet daarnaast extra vaart achter het afbouwen van de zelfstandigenaftrek. Deze gaat tot 2028 in stappen van 360 euro omlaag. En zal in 2036 uiteindelijk uitkomen op 3.240 euro. Eerder werd nog gekoerst op stappen van 250 euro naar 5.000 euro in 2028. Voor zelfstandigen bij wie het water toch al aan de lippen staat, is dit slecht nieuws. Daar staat een verhoging van de arbeidskorting tegenover. De zzp'er moet er daardoor voorlopig per saldo niet op achteruitgaan, stelt het kabinet.

 

Ook zou het helpen als het kabinet ondernemers langer de tijd geeft – vier in plaats van twee jaar – om uitgestelde belastingen terug te betalen.

 

Negatief: nog altijd geen oplossing voor stikstofproblematiek

Meer dan een jaar na de PAS-uitspraak is er nog altijd weinig zicht op oplossingen. En ook de miljoenennota verandert daar niks aan. Bedrijven die overwegen om investeringen te doen in ons land stellen noodgedwongen projecten uit of besluiten niet in ons land maar in omringende landen te investeren waar het krijgen van vergunningen minder problematisch is. Het gaat om grotere en kleinere projecten in alle sectoren, van belang om maatschappelijke uitdagingen aan te kunnen. Denk aan de energietransitie, klimaatadaptatie, infrastructuur, verduurzaming van de voedselproductie, tegengaan van biodiversiteitsverlies en uiteraard de bouw van woningen.

Ja, er zijn stappen gezet door het kabinet. En dan met name gericht op verbetering van de Natura 2000-gebieden. Er wordt 3 miljard euro geïnvesteerd in natuurbehoud en -herstel, er komt een wettelijke doelstelling om in 2030 ten minste 50 procent van de stikstofgevoelige natuur onder de kritische waarden te brengen en de emissie van stikstofoxiden en ammoniak moet omlaag.

 

De stikstofcrisis duurt nu al veel te lang 

Natuurlijk ondersteunen ondernemers maatregelen die de natuur verbeteren. Helaas gaat dat nu vooral via micromanagement-oplossingen, zoals voermaatregelen, of het uitkopen van boeren. Daarnaast moeten we concluderen dat met de huidige aanpak er onvoldoende stikstofruimte is voor economische ontwikkeling om 'investerend uit de crisis' te komen. Daar moet een kosteneffectief, meerjarig programma voor komen. Op korte termijn kunnen belangrijke knelpunten opgelost worden: bijvoorbeeld het instellen van een drempelwaarde voor kleine en tijdelijke emissies. Ook moet extern salderen (onderling stikstofruimte uitwisselen) op eenvoudige wijze mogelijk worden. De stikstofcrisis duurt nu al veel te lang, los deze knelpunten dan ook voortvarend op.

 

Op de hoogte blijven van onze beste artikelen? Schrijf je dan gratis in voor onze nieuwsbrief.  

Karin Bojorge
hoofdredacteur
+31 70 3490 172
Judith Katz
redacteur Forum
+31 70 3490 162