Kritische waakhond voor de veiligheid, brief aan de heer van Vollenhove van de Stichting Maatschappij en Veiligheid

Stuur ons een bericht


We proberen binnen 2 werkdagen te reageren.
Verder gelden deze spelregels.
Annuleren
? Contact
07-12-2018

Hooggeachte heer van Vollenhoven,

 

Graag reageer ik desgevraagd op uw brief waarin u een lans breekt voor een kritische waakhond voor de veiligheid.

 

Zoals ik eerder in mijn reactie op uw inleiding 'Zelfregulering, maar géén gesjoemel' opmerkte, kunnen wij elkaar vinden in de gedachte dat zelfregulering op het gebied van veiligheid noodzakelijk is, aangezien de overheid alleen de veiligheid niet kan garanderen. Zelfregulering betekent dat bedrijven verantwoordelijkheid nemen door zelf regels op te stellen, uit te voeren en te handhaven. Dat bedrijven hun rol serieus nemen, blijkt onder meer uit het programma 'Veiligheid Voorop', bedoeld om de veiligheidscultuur bij BRZO-bedrijven verder te verbeteren. Ik heb niet de indruk, dat bedrijven op grote schaal deze verantwoordelijkheid uit de weg gaan, doordat ze de -door henzelf opgestelde -regels niet zouden volgen of zelfs moedwillig zouden overtreden.

 

Een kritische waakhond is zeker nodig als bedrijven hun verantwoordelijkheid niet nemen. Die taak wordt uitgevoerd door inspecties, het bevoegd gezag en het Openbaar Ministerie. Die kunnen een bedrijf dat zich niet aan de regels houdt met bestuursdwang, dwangsommen en straffen in het gareel brengen. Het probleem is echter dat bedrijven niet met één waakhond te maken hebben. Zo hebben BRZO-bedrijven te maken met verschillende inspecties en ministeries voor wat betreft arbeidsveiligheid, externe veiligheid en brandveiligheid. Deze verkokering leidt ertoe dat bedrijven streven naar maximale integrale veiligheid op basis van risicomanagement, terwijl inspecties sectoraal opereren en daarbij veelal maatregelen eisen die vaak maar één aspect van veiligheid optimaliseren en daarbij niet altijd goed onderscheid lijken te maken tussen hoofd- en bijzaken. Dat leidt regelmatig tot investeringen die niet wezenlijk aan meer veiligheid bijdragen. Met u pleit ik dus voor één aanspreekpunt, één waakhond, op het gebied van veiligheid, maar dan in plaats van en niet naast de bestaande inspecties.

 

Een kritische waakhond is ook nodig als calamiteiten ertoe leiden, dat wetgeving moet worden aangepast. Ik meen echter, dat deze taak door de Tweede Kamer moet worden en wordt ingevuld. Daarbij is het wel van belang, dat de wetgever regelmatig evalueert of wetgeving tot het beoogde resultaat heeft geleid. Zo hebben de problemen bij Thermphos ertoe geleid, dat er weer stemmen opgaan om financiële zekerheid voor BRZO-bedrijven te introduceren in het Omgevingsbesluit, terwijl de Tweede Kamer nog niet zo lang geleden heeft ingestemd met intrekking van een soortgelijke regeling, het Besluit financiële zekerheid milieubeheer. Enig historisch besef zou hier niet misstaan.

 

Mijn conclusie is, dat een kritische waakhond nodig is op het gebied van veiligheid, maar dat die moet worden gezocht in verbetering van de bestaande regelingen.

 

Last but not least wens ik u alvast veel gezondheid en geluk met uw tachtigste verjaardag.

 

Hoogachtend,

 

Drs. J. de Boer
Voorzitter VNO-NCW